De opstoot van de voedselprijzen nadert zijn alarmpeil en bedreigt de politieke stabiliteit in veel landen. Die waarschuwing sprak Robert Zoellick, de voorzitter van de Wereldbank, vandaag uit in de marge van de G20-vergadering van de ministers van Financiën in Parijs.
Download de nieuwsbrief als PDF
Voedselrellen door speculatie
Een van de oorzaken van de opstanden in verschillende landen waaronder Tunesië, Jemen en Egypte, zijn de hoge voedselprijzen. Het overgrote deel van de bevolking in deze landen moet rondkomen van een paar dollar per dag terwijl de voedselprijzen bijna zijn verdrievoudigd. De armste landen worden het hardst getroffen wanneer voedsel duurder wordt. In Nederland lijden de lagere inkomensgroepen onder de sterk stijgende voedselprijzen.
China en India
Volgens de media zijn Chinezen en Indiërs de grootste veroorzakers van prijsstijgingen op de voedselmarkt. Zij zouden door toenemende welvaart meer zijn gaan verbruiken. Uit de cijfers blijkt dat de graanconsumptie in deze landen de afgelopen jaren omlaag is gegaan. Wereldwijd is de graanconsumptie stabiel gebleven en de productie gestegen. Op de wereldmarkt had dit moeten lijden tot prijsdalingen maar het tegendeel gebeurde. Tussen januari 2007 en juni 2008 stegen de handelsprijzen van rijst 320%, graan werd in diezelfde periode 240% duurder en maïs 280%. Vanaf april 2009 nemen de voedselprijzen opnieuw sterk toe.
Biobrandstof en gelddrukpers
Sinds de prijsexplosie van olie als gevolg van speculatie wordt wereldwijd de productie van biodiesel uit granen, oliezaden en suiker gestimuleerd. Een deel van de productie van basisvoedselmiddelen wordt zo onttrokken aan de voedselmarkt om te dienen als autobrandstof. In Mexico kwam de bevolking in opstand vanwege de sterk gestegen prijzen van maïs, haar basisvoedsel. De regering Bush had grote boerenbedrijven in de Midden-Amerikaanse staten gesubsidieerd om op grote schaal maïs te verbouwen voor biodiesel.
Steunen van banken met gedrukt geld, zonder dekking, leidt tot geldontwaarding en hogere prijzen, ook van voedsel. De Centrale Banken van Europa en de VS laten op grote schaal hun gelddrukpersen draaien.
Vrij spel
In 2000 hebben de VS bij wet de termijnmarkten voor landbouwproducten opengesteld voor grote financiële instellingen zoals banken, hedgefondsen, verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen. Sinds het ineenzakken van de onroerend goedmarkt en de industriële sector storten de grote financiële investeerders zich massaal op de voedselmarkt. Net als op de andere beurzen zijn de financiële producten op de voedselbeurzen losgekoppeld van het daadwerkelijke bezit van de producten. Zo kan het gebeuren dat dezelfde partij graan zonder verplaatsing binnen één dag op papier meerdere keren de wereld rondgaat door steeds van eigenaar te veranderen, en hierdoor haar prijs verveelvoudigt. Dit mechanisme kan enorme prijsschommelingen veroorzaken.
Onzekerheid
Liberalisering van de voedselmarkten betekent voor de boeren grote onzekerheid qua investeringen en inkomen. De speculanten veroorzaken enorme, onverwachte prijsschommelingen Daarnaast zijn de boeren met handen en voeten gebonden aan voedselmultinationals en supermarktketens.
Doordat de regeringen een enorme hoeveelheid ongedekt geld op de markt brengen, ontstaat een kunstmatig hoge vraag naar producten. Handelaren willen dit waardeloze geld immers zo snel mogelijk inwisselen voor producten. Voor de consumenten heeft dit tot gevolg dat goederen en dus ook voedsel sterk in prijs stijgen. Sinds de voedselmarkt ten prooi is gevallen aan financiële speculanten, breken over de hele wereld regelmatig voedselrellen uit. Het grootste deel van de wereldbevolking heeft moeite om rond te komen. Meer dan 1 miljard mensen wordt rechtstreeks door hongerdood bedreigd.
Maatregelen
Wereldwijd zou georganiseerd geïnvesteerd moeten worden in verdere ontwikkeling van de agrarische sector. Door uiteenlopende belangen van nationale overheden, multinationals en ontwikkelingshulporganisaties is dit in de arme landen nooit goed van de grond gekomen. Subsidies aan voedselmultinationals zouden moeten worden afgeschaft.
Vergroting van de voedselvoorraden door nationale overheden stabiliseert de voedselprijzen. Dit vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw gevoerde beleid is met het liberaliseren van de markten bijna ongedaan gemaakt.
Belangrijkste maatregel om sterke prijsschommelingen en prijsstijgingen van voedsel te voorkomen is het aan banden leggen van voedselspeculatie. Alleen zo kan worden voorkomen dat steeds meer mensen onder het bestaansminimum terechtkomen of sterven door honger.
Lidwien Schuitemaker, filosofe en sociaal wetenschapster
|