Stop de oorlog tegen de Koerden! Turks leger moet weg uit Afrin!

Op 21 januari is het Turkse leger binnengevallen in Afrin, een kanton van de autonome Koerdische regio Rojava in het noorden van Syrië. Wat de Turkse president Erdoğan voorstelt als een offensief tegen terrorisme, is in werkelijkheid een aanvalsoorlog tegen de Koerdische bevolking. Het doel van de heersende elite in Istanbul is een uitbreiding van de invloed in Syrië na de nederlaag van de zogenaamde ‘Islamitische Staat’ (ISIS) en een versterking van de positie van de regerende AKP in Turkije op basis van een nationalistische campagne en een voortzetting van de noodtoestand en de repressie tegen alle oppositie.

 

Protest in Londen eerder deze week. Foto: Amaliah (Socialist Party)

 

Verschillende imperialistische grootmachten en regionale krachten botsen met elkaar in Syrië. Voor de VS stond de laatste fase van de strijd tegen ISIS centraal. Daartoe werd een militaire alliantie gesloten met de Koerdische Volksverdedigingseenheden (YPG/YPJ) gesloten, de strijdkrachten onder controle van de Koerdische PYD (Democratische Uniepartij) in de autonome regio Rojava in het noorden van Syrië. Turkije daarentegen gaf steun aan ISSI en andere islamistische krachten in de Syrische burgeroorlog, terwijl Rusland en Iran de Syrische dictator Assad steunden.

Ondanks hun verschillende belangen en allianties, hebben deze krachten een gemeenschappelijk doel: de Koerdische beweging mag het doel van een democratisch en multi-etnisch Rojava niet verder uitbouwen. Dat wordt immers als een bedreiging gezien voor de macht van de imperialisten en de dictators in de regio. Alleen zo kan de opstelling van de grootmachten en de regionale krachten verklaard worden. Ze hebben allemaal bloed aan de handen bij de Turkse aanval op de Koerden. Er wordt niet geprobeerd om het Turkse offensief te stoppen. Veel wijst erop dat de Turkse aanval met de Russische regering was doorgesproken. De in Afrin gestationeerde Russische troepen werden op voorhand teruggetrokken en er wordt niet aangedrongen op het naleven van de no-fly zone. De VS hebben een dilemma omdat er gevochten wordt tussen twee bondgenoten. Er wordt vanuit de VS opgeroepen tot terughoudendheid en het vermijden van burgerslachtoffers. Dat wijst erop dat de VS alleszins geen breuk met NAVO-partner Turkije wil riskeren. Dat zou de Amerikaanse invloed in de regio op middellange en lange termijn ondermijnen.

De feiten zijn ondertussen dat er in Afrin geen posities van ISIS zijn en dat YPG geen aanvallen op Turks grondgebied heeft uitgevoerd. De YPG heeft erop toegezien dat de strijd louter defensief blijft. De mening van enkele PYD-leiders die spraken over de mogelijkheid om ook op Turks grondgebied te strijden, werd gelukkig niet gevolgd. Dat zou immers een geschenk geweest zijn voor de propagandamachine van Erdoğan en het zou gebruikt worden om de oppositie in eigen land nog meer monddood te maken.

Het leidt geen twijfel dat het militaire offensief ook sterk bepaald wordt door de binnenlandse politiek in Turkije. Volgend jaar zijn er verkiezingen en de AKP dreigt zijn meerderheid te verliezen. Sinds de poging tot staatsgreep in 2016 kon de AKP enkel regeren op basis van massale repressie en een permanente noodtoestand. De nieuwe partij IYI, een afsplitsing van de neofascistische met de AKP verbonden MHP, vormt een nieuwe rechtse oppositie die in de peilingen tot 20% haalt. De MHP zal mogelijk de kiesdrempel van 10% niet halen. Bij de burgerlijke sociaaldemocratische oppositiepartij CHP is de links-liberaal Canan Kaftancıoğlu de nieuwe voorzitter van de partijwerking in Istanbul. Kaftancıoğlu begon afstand te nemen van de traditioneel nationalistische anti-Koerdische positie van de CHP. De oorlog in Afrin zorgt er nu voor dat alle oppositiepartijen (uiteraard met uitzondering van de linkse en pro-Koerdische HDP) deel uitmaken van een nationaal front achter Erdoğan. Dit maakt het gemakkelijker om de repressie tegen alle oppositie in het land op te voeren, onder meer tegen de metaalarbeiders die in een sociaal conflict zitten. In de drie dagen na het begin van de aanval waren al 50 journalisten opgepakt. Ondertussen zitten tienduizenden mensen om politieke redenen in de gevangenis, onder hen de twee voorzitters van de HDP.

De wereldwijde arbeidersbeweging, de linkerzijde en vredesactivisten moeten solidair zijn met de Koerdische bevolking. LSP ondersteunt de betogingen en acties tegen de agressie-oorlog van Turkije en tegen de medeplichtigheid van de imperialistische landen, waaronder NAVO-partner België.

Wij zeggen:

  • Terugtrekking van Turkse troepen uit Noord-Syrië/Afrin!
  • Stop de wapenhandel met Turkije!
  • Solidariteit met de oorlogsvluchtelingen!

We steunen de eisen van onze Turkse zusterorganisatie Sosyalist Alternatif:

  • Voor een mobilisatie van de vakbonden tegen de oorlog, voor de opbouw naar een algemene staking!
  • Voor het verbinden van de strijd van de metaalarbeiders met het verzet tegen de oorlog!
  • Eenheid van alle werkenden tegen nationalisme en religieuze verdeeldheid!
  • Tegen oorlog, uitbuiting, onderdrukking en armoede – voor een vrijwillige socialistische confederatie van het Midden-Oosten