Text Size

Leraren basisonderwijs opnieuw massaal in staking op 12 december; regering buigt niet - hoe verder?

Op 12 december werd er wederom massaal gestaakt door de leraren van het basisonderwijs en het speciaal basisonderwijs. 93% van de scholen bleef dicht. De regering wil echter niet meer dan de helft van het bedrag toezeggen dat de leraren eisen om de werkdruk te verlagen en de salarissen gelijk te trekken met die van het voortgezet onderwijs. Bovendien zou een groot deel van dat bedrag pas vrijkomen in 2021, voor volgend jaar staat slechts 10 miljoen gereserveerd om de werkdruk te verlagen. Ondertussen geeft de regering aandeelhouders een cadeau van 1,4 miljard onder druk van Shell, Unilever e.a....In dit artikel impressies van de staking en onze visie, hoe de strijd gewonnen kan worden.

 

Artikel door Barbara Veger, Rotterdam

We interviewden een aantal leraren tijdens een stakingsbijeenkomst in Rotterdam. Opvallend was, dat alle leraren zeiden, dat de hoge werkdruk de belangrijkste reden voor hen was om te staken. „Ik werk 15 jaar in het onderwijs en er is heel veel veranderd.“ zei een leraar. „Klassen zijn groter en gemengder geworden. Kinderen met gedrags- en leerproblemen moeten nu naar het gewone basisonderwijs in plaats van het speciaal onderwijs en dat verhoogt de werkdruk enorm.“ Een leraar stelde terecht dat het op zich goed is dat kinderen met gedrags- en leerproblemen geïntegreerd worden in het gewone onderwijs. Immers, zo leren kinderen met en zonder beperkingen met elkaar omgaan. Maar dat moet wel gepaard gaan met voldoende middelen, zodat bijvoorbeeld de klassen klein gehouden kunnen worden, en daar ontbreekt het nu net aan. Zo leidt een op zich goede maatregel tot een daling van het niveau van onderwijs, wat weer spanningen tussen ouders van kinderen met en zonder problemen tot gevolg kan hebben. Leraren van het speciaal onderwijs vertelden ook dat hun werk zwaarder was geworden, omdat alleen nog kinderen met zware problematiek bij hen op school komen. „Er is onvoldoende tijd om de lessen voor te bereiden. De hulp aan de kinderen kost tijd, door besprekingen met instanties, overleg met de ouders, observatieformulieren etc. Er zitten gewoon te weinig uren in een dag.“

Tekorten in het basisonderwijs

Een jonge leraar merkte op, dat een hoger salaris wel belangrijk is om nieuwe leraren te werven en zo een stijgend lerarentekort te voorkomen. „Van mijn lichting studenten zijn er van de 200 maar 87 uiteindelijk afgestudeerd, dus dat zegt wel wat.“ vertelde hij. De aanwezige vakbondsbestuurdster vertelde tijdens haar toespraak, dat er een tekort dreigt van 11.000 voltijdsvacatures over 10 jaar. Ook stelde zij terecht, dat deze regering voor de grote bedrijven kiest in plaats van voor het onderwijs. „Shell heeft in 2016 een netto winst van ruim 7 miljard $ gemaakt, die heeft echt geen geld van de regering nodig.“ zo zei zij.

Iedereen vertelde dat de actiebereidheid op zijn of haar school hoog was, iedereen of praktisch iedereen deed mee. Ook zeiden de meesten wel steun van de ouders te krijgen, wat in tegenspraak is met berichten in de media dat de steun voorde leraren zou afkalven.

De leiding van de vakbonden heeft aangekondigd in 2018 door te willen gaan met actievoeren, maar dan in de vorm van estafetteacties. We vroegen de leraren wat zij dachten dat de beste strategie was om te winnen. Een lerares zei: „Ik denk dat je pas impact hebt als je de scholen een week dicht gooit.“ Sommigen waren het daar mee eens, anderen twijfelden. „Aan de ene kant willen we laten zien dat het ons menens is, aan de andere kant willen we de kinderen niet tekort doen“ zei een lerares. Sommigen waren bang dat bij een week staken de leraren de sympathie van de ouders zouden verliezen.

Het probleem is, dat de vakbondsleiding de leraren in het basisonderwijs geïsoleerd houdt in hun strijd. In alle onderwijssectoren, maar ook in de zorg, het openbaar vervoer en in de private sector spelen problemen van hoge werkdruk en loonachterstand. Waarom de strijd niet veralgemeniseren tot een breed offensief met massale acties om de regering op de knieën te dwingen of zelfs weg te staken?

Als de vakbondsleiding weigert dat te doen, zouden de leraren in het basisonderwijs wel eens gedwongen kunnen worden hun acties te verharden, ook al brengt dat grote opofferingen voor henzelf, de kinderen en de ouders met zich mee. Er staat teveel op het spel. Harde actie van de leraren, vergezeld van een campagne onder de ouders, zou ook kunnen werken als een voorbeeld voor andere sectoren. Die zouden zich gaandeweg kunnen gaan aansluiten bij de strijd, zodat die alsnog verbreed wordt.

We vroegen de leraren ook wat ze er van vonden dat Po in actie zich aan het omvormen is tot een vakbond. Een leraar zei dat het tot versnippering leidt, maar anderen waren positief. Po in actie heeft krediet, „Ze zijn toch in het gat gesprongen dat de vakbonden hebben laten vallen."zo zei een lerares. Een ander merkte op: „Po in actie staat toch dichter bij de werkvloer dan de grote vakbonden.“ We begrijpen de sympathie voor po in actie. Zij waren de aanjagers van de stakingen, dankzij de druk die zij hebben uitgeoefend kwam de vakbondsleiding in actie.

Aan de andere kant biedt het geen oplossing als elke sector zijn eigen vakbond gaat oprichten. Het belangrijkste instrument om onze belangen te verdedigen blijft de FNV. Het probleem is alleen dat de FNV gekaapt is door een leiding die wat betreft levensomstandigheden en denkbeelden dichter bij de werkgevers dan bij de werkenden staat, en daarom strijd stelselmatig afremt. We zullen binnen de vakbeweging een linkse oppositie moeten uitbouwen, en de strijd aangaan om de FNV om te vormen tot een daadwerkelijk strijdorgaan dat acties tot overwinningen kan leiden.

Maar we mogen geen illusies hebben dat de problemen opgelost kunnen worden binnen dit kapitalistisch systeem. Harde actie kan toegevingen afdwingen, maar die zullen weer worden afgepakt zodra de krachtsverhoudingen weer gunstiger liggen voor de regering. Daarom is het ook noodzakelijk voor een fundamentele maatschappijverandering te vechten: voor een socialistische maatschappij, waar de grote bedrijven en banken in gemeenschapshanden gebracht zijn en de economie op democratische wijze gepland wordt. Dat is de enige garantie dat de problemen daadwerkelijk opgelost kunnen worden en er voldoende middelen zijn voor goed onderwijs, huisvesting, zorg, en een goed inkomen voor iedereen. Dit is eigenlijk het programma dat SP, GroenLinks en PvdA naar voren zouden moeten brengen; wij zullen druk op hen moeten uitoefenen om een dergelijk programma over te nemen.